Onze blog 50 is er om u te begeleiden en te informeren.

Veiligheidin een woonzorgcentrum

article

Veiligheidin een woonzorgcentrum is primordiaal, dat zal niemand verbazen. We legden onsoor te luister bij Woonzorgcentrum De Overbron in Brussel om te horen hoe zijhet daar aanpakken.

Als het woord veiligheid valt, denken we spontaanaan zaken zoals oproepsystemen en toegangscontroles. Beide vallen vandaag nietmeer weg te denken, al zijn de verschillende mogelijkheden natuurlijk groot.Ieder woonzorgcentrum kiest daarbij voor de aanpak die het beste bij zijnsituatie past. Daarbij blijft de basisgedachte van een oproepsysteem natuurlijkoveral dezelfde: een bewoner moet vanuit zijn kamer makkelijk hulp kunneninroepen. “Uiteraard zijn er in elke kamer een aantal oproepknoppen voor alsiemand nood heeft aan zorg of begeleiding”, vertelt gedelegeerd bestuurder BertAnciaux ons. “Wanneer een bewoner een knop induwt, verschijnt er een signaal opalle displays in de gangen zodat er onmiddellijk een zorg- of verpleegkundigenaar de kamer kan gaan. Het systeem laat ons ook toe om bij te houden hoe langhet duurt vooraleer er hulp komt.”

Bij De Overbron hebben ze de laatste jarenfel ingezet op de modernisering van het oproepsysteem. “We gaan er prat op datwe daarin echt wel up-to-date zijn”, zegt Anciaux. “Begin 2017 hebben we eennieuwe vleugel bijgebouwd en toen hebben we een forse upgrade doorgevoerd vanons oproepsysteem. Zo is sinds enkele maanden elke terminal in elke kamerverbonden met het digitaal zorgdossier van de bewoner. Dat laat toe om zowelhet zorgdossier te raadplegen, bijvoorbeeld om na te kijken welke specifiekezorgen en medicatie de bewoner nodig heeft, als om aantekeningen te maken overwat gebeurd is en om de zorgtaken af te vinken. Dit is een van de zaken dieecht lonen om in te investeren.”

Altijdwelkom

De Overbron bevindt zich in een erg rustigebuurt en heeft nog nooit last gehad van ongewenste bezoekers. Hetwoonzorgcentrum telt één toegang met een sassysteem. Anciaux: “Het sas sluitautomatisch en kan je van binnen enkel openmaken met de code die op de deur hangt.Zo zorgen we ervoor dat bewoners met risicogedrag niet naar buiten kunnen zijzijn niet in staat om het systeem te bedienen. Vanaf acht uur ’s avonds gaat dedeur op slot. Familie en vrienden zijn natuurlijk altijd welkom. Zij hoevengewoon even aan te bellen en dan komt het nachtpersoneel opendoen. Binnenkortplaatsen we ook een klok op het slot, zodat het sluiten geautomatiseerd wordten ons personeel dat niet meer handmatig hoeft te doen. De andere toegangen inde gebouwen zijn enkel voor het personeel, die daar aparte codes voor hebben.”

 “We zijn een open huis waar de bewonerscentraal staan”, vervolgt Anciaux. “Er is hier geen gesloten afdeling, watmaakt dat door de dag alle ruimtes voor iedereen toegankelijk zijn. Onzebewoners mogen niet het gevoel hebben dat ze ergens niet binnen mogen, al gaanbepaalde ruimtes ’s avonds wel op slot. De kamers zelf kunnen gesloten wordenmet een traditionele sleutel. We hebben wel aan een badgesysteem gedacht, maardat is hier niet nodig. Personeelsleden hebben toegang via een loper metverschillende niveaus.”

Zonderzorgen

Tot slot benadrukt Anciaux nog datveiligheid een aspect is waar de bewoners zichzelf geen zorgen over moetenmaken. Het is de taak van het woonzorgcentrum om dat in goede banen te leiden,net als het hele zorggebeuren trouwens. Daarbij speelt de sociale samenhang eenbelangrijke rol. “We zijn een klein woonzorgcentrum met een groot aantalpersoneelsleden, veel meer dan wat de Vlaamse normen ons voorschrijven. Ook datmaakt deel uit van het aspect veiligheid, net als de nauwe contacten die wehebben met de families die op bezoek komen. Zij worden eveneens betrokken bijonze werking. En onderling nemen de bewoners ook verantwoordelijkheid op naarelkaar toe. Al dat maakt dat we vandaag spreken over een verhaal waarveiligheid eerder geborgenheid is geworden.”